Bouwvergunningen

De Woningwet kent drie categorieën bouwwerken:

1. Bouwvergunningsvrije bouwwerken

Dit zijn meestal kleinere bouwwerken, zoals een afscheiding tussen balkons of dakterrassen, zonweringen of rolluiken, maar ook dakkapellen en bijgebouwen aan de achterkant van een woning zijn bouwvergunningsvrij. Deze bouwactiviteiten kunnen worden uitgevoerd zonder dat daarvoor eerst toestemming van de gemeente nodig is.
Voor het bouwvergunningsvrij (ver)bouwen in, op, aan of bij uw woning gelden wel een aantal regels:
Erf en dak niet volbouwen
De zij- of achtererf mag niet meer dan de helft bebouwd zijn. Als dit wel het geval is, moet er een bouwvergunning worden aangevraagd. Deze regel voorkomt dat binnenterreinen worden volgebouwd en geldt voor:

* aan- en uitbouwen zoals een serre, berging, garage, bijkeuken,
* vrijstaande bijgebouwen zoals een schuur, garage, kweekkas, tuinhuis,
* overkappingen zoals een carport.

Bouwbesluit

Als u gaat (ver)bouwen moet u altijd aan het Bouwbesluit (wettelijk vastgelegde technische minimumeisen) voldoen, ook als vooraf geen bouwvergunning nodig is. Als u hier niet aan voldoet kunnen burgemeester en wethouders u dwingen het bouwwerk zodanig aan te passen dat het geen gevaar meer oplevert of het zelfs af te breken. Bouwcentrum Rotterdam kan u meer vertellen over het Bouwbesluit tel.: 010-2433600 of kijk op www.vrom.nl

Bestemmingsplan

In de voorwaarden voor bouwvergunningsvrij bouwen worden voor een aantal bouwwerken ook voorwaarden genoemd die een relatie hebben met het gebruik van dat bouwwerk. Aan- en uitbouwen aan de woning mogen alleen vergunningsvrij worden gebouwd als deze bestemd zijn ‘ter vergroting van het woongenot’. Als u in deze aanbouw een winkel wilt beginnen moet u wel een bouwvergunning aanvragen. Bij de bouwvergunningsprocedure wordt ook getoetst aan het bestemmingsplan.

Welstand

Een bouwvergunningsvrij bouwwerk wordt vooraf niet aan welstandseisen getoetst. Toch zijn er grenzen aan wat u mag bouwen. Als u een bouwwerk maakt dat ‘in ernstige mate in strijd is met redelijke eisen van welstand’ (excessenregeling) De gemeente hanteert bij het toepassen van deze excessenregeling het criterium dat er sprake moet zijn van een buitensporigheid in het uiterlijk die ook voor niet-deskundigen evident is en die afbreuk doet aan de ruimtelijke kwaliteit van een gebied. Op grond van die regeling kunt u gedwongen worden uw bouwwerk aan te passen.. Het is verstandig om vooraf de gemeente te vragen naar de welstandseisen.

Ook uw buren kunnen de gemeente op zo’n exces wijzen, dit heet burenrecht, dit recht is opgenomen in het Burgerlijk Wetboek.

2. Licht-vergunningsplichtige bouwwerken

Kleinere bouwwerken, zoals een dakkapel of bijgebouw aan de voorkant van een woning, zijn meestal licht-vergunningsplichtig. De gemeente toetst deze bouwwerken aan het bestemmingsplan, de welstandseisen, de monumentenvergunningvereiste, de stedenbouwkundige voorschriften uit de gemeentelijke bouwverordening en eisen m.b.t. constructieve veiligheid uit het Bouwbesluit.

Voor- en achterkant-benadering

Voor licht-vergunningsplichtige bouwwerken geldt dat bouwen aan de voorkant of zijkant van een woning en bij hoekwoningen, meer invloed heeft op de kwaliteit van de leefomgeving dan bouwen aan de achterkant. Op die plaatsen mag er dus niet snel bouwvergunningsvrij worden gebouwd. Dit wordt de voor- en achterkant-benadering genoemd. Die zijn van toepassing op:

* (vrijstaande) bijgebouwen zoals een schuur of garage en overkappingen zoals een carport
* kozijn- en gevelwijzigingen;
* dakkapellen;
* erf- en perceelafscheidingen hoger dan 1 meter zoals een schutting

Voor deze bouwwerken geldt dat u hiervoor een bouwvergunning moet aanvragen bij uw gemeente.

3. Regulier-vergunningsplichtige bouwwerken

Alle overige bouwwerk, zoals bijvoorbeeld een dakopbouw, zijn regulier bouwvergunningsplichtig. Ook hier wordt aan het bestemmingsplan, de welstandseisen, monumentenvergunningvereiste en de stedenbouwkundige voorschriften uit de gemeentelijke bouwverordening getoetst. Voorts beoordeelt de gemeente het plan vooraf op alle technische eisen uit het Bouwbesluit.

Bij regulier-bouwvergunningsplichtige bouwwerken is het mogelijk om de aanvraag in twee fasen in te dienen. Hiervoor moeten ook twee bouwvergunningen worden verleend. In de eerst fase wordt het bouwplan getoetst aan het bestemmingsplan, welstand en stedenbouwkundige bepalingen in de bouwverordening. In de tweede fase wordt getoetst aan het Bouwbesluit en het overige deel van de bouwverordening. Bouwen is pas toegestaan na verlening van bouwvergunning fase 2. Op die manier maakt u geen onnodige kosten als blijkt dat het bouwplan geen vergunning krijgt. Bij een gefaseerde bouwvergunning heeft de gemeente in iedere fase een beslistermijn van 6 weken. Beide fasen mogen eenmalig met 6 weken worden verlengd.

Enkele bijzondere situaties voor het aanvragen van een bouwvergunning

Aan- en uitbouwen, bijgebouwen, overkappingen en ook kozijn- en gevelwijzigingen mogen alleen in de woningbouw bouwvergunningsvrij of licht-vergunningplichtig worden gebouwd. In andersoortige gebouwen is altijd een reguliere bouwvergunning verplicht. Dit heeft te maken met de risico's voor de brandveiligheid, die door hun gebruik in dit soort gebouwen groter zijn (denk bijvoorbeeld aan een fabriek of een café).

* Bouwen of verbouwen in, op, aan of bij een (Rijks-, provinciaal of gemeentelijk) monument mag nooit bouwvergunningsvrij. Dit geldt ook voor gebouwen die liggen in een door het Rijk aangewezen beschermd stads- of dorpsgezicht. Ook als de verbouwing door de gemeente is opgelegd (aanschrijving) of bij het plegen van normaal onderhoud moet u in deze gevallen een bouwvergunning aanvragen.
* Bij recreatiewoningen waarin niet permanent mag worden gewoond, woonwagens of tijdelijke bouwwerken zoals een woonkeet, mag u géén aan- of uitbouw plaatsen zonder bouwvergunning. (Ver)bouwen zonder bouwvergunning zou ongemerkt langdurig en permanent gebruik en dus illegale bebouwing in de hand kunnen werken. Vandaar dat in dit soort gevallen een (lichte) bouwvergunningsplicht geldt.
* Aan de (ver)bouw kunnen sloopwerkzaamheden voorafgaan. Indien u voorziet dat de hoeveelheid sloopafval meer dan tien kubieke meter is of asbest bevat, moet u gelijktijdig met de aanvraag voor een bouwvergunning een sloopvergunning aanvragen. Een aanvraagformulier voor een sloopvergunning is via de gemeente te verkrijgen. Voor asbest gelden speciale regels in verband met uw gezondheid. Vraag uw gemeente ernaar.

Procedures bouwaanvraag

Voor het aanvragen van een vergunning heeft u altijd een formulier nodig. Dit landelijk standaard formulier, kunt u bij de gemeente afhalen of via internet kan downloaden. Per 1 mei 2007 is er een nieuw aanvraagformulier bouwvergunning. Kijk ook op de website www.vrom.nl voor het downloaden van dit formulier. Daarnaast moet u ook veel aanvullende informatie aanleveren zoals bouwtekeningen.

Indieningsvereisen

Hoe u een aanvraag vervolgens indient is ook weer aan landelijke regels gebonden, volgens de zogeheten Besluit indieningsvereisten aanvraag bouwvergunning. Daarbij is wettelijk vastgelegd welke stukken (zoals een bouwtekening) en gegevens u precies aan moet leveren. De gemeente mag u niet méér of om andere dingen vragen.

Termijnen

Wanneer uw aanvraag door de gemeente is ontvangen zal eerst worden beoordeeld of deze volledig is. Als u niet alle vereiste tekeningen en gegevens aanwezig zijn, kunnen burgemeester en wethouders u een termijn stellen waarin u alsnog de ontbrekende gegevens kunt overleggen. Indien u geen gehoor geeft aan het verzoek tot aanvulling van de gegevens kunnen burgemeester en wethouders beslissen om uw aanvraag niet in behandeling te nemen. Er is géén verlenging mogelijk van deze termijnen. Daarom adviseren wij u ook om eerst te beginnen met het indienen van een schetsplan. Bij een schetsplan wordt uw plan getoetst aan de bestemmingsplan en redelijke eisen van welstand. Hiervan krijgt u schriftelijk bericht van, waarna u alle tijd heeft om een complete aanvraag in te dienen.

Behandeling van de bouwaanvraag

Als u plan geheel volgens de regels is ingediend, gaan de wettelijk vastgestelde behandelingstermijnen in. Lichte procedure: de gemeente moet binnen zes weken (exclusief de termijn die burgemeester en wethouders u geeft voor het inleveren van de ontbrekende gegevens) toestemming geven of u mag bouwen of niet. Reguliere procedure: de gemeente moet u binnen twaalf weken uitsluitsel (exclusief de termijn die burgemeester en wethouders u geeft voor het inleveren van de ontbrekende gegevens) geven of u mag bouwen of niet. Eenmalige verlenging met 4 weken is mogelijk. U wordt hiervan op de hoogte gesteld.

Gefaseerde reguliere procedure: de reguliere bouwvergunning kan in twee fasen worden aangevraagd. In fase 1 wordt bekeken of er ruimtelijke en welstandstechnische bezwaren zijn. Als dat niet het geval is, dient u in fase 2 de bouwtechnische uitwerking van uw bouwplan in. Bij een gefaseerde bouwvergunning heeft de gemeente in iedere fase een beslistermijn van zes weken. Beide fasen mogen eenmalig met zes weken worden verlengd.

Toch langere behandelingstermijn

De maximale termijn van zes weken (lichte procedure), twaalf (reguliere) of twaalf (gefaseerde reguliere procedure) weken kán langer gaan duren, maar dan heeft het bijvoorbeeld te maken met het tevens verkrijgen van een vergunning op grond van de Wet op de Ruimtelijke Ordening, de Wet milieubeheer of de Monumentenwet. Uw voorgestelde plan kan bijvoorbeeld niet passen binnen de regels van het bestemmingsplan. Wilt u toch bouwen, dan volgt een verzoek om vrijstelling van het bestemmingsplan indien het past binnen het gemeentelijke beleid. Deze procedure neemt meer tijd in beslag omdat er een voorstel geschreven moet worden en het plan ter inzage wordt gelegd. Ook moet u rekening houden met extra gemeentelijk leges voor de vrijstellingsprocedure.

Fictieve vergunning

Als een gemeente binnen de officiële behandelingstermijn niets van zich heeft laten horen of te laat is, mag u de aangevraagde bouwvergunning in principe als verleend beschouwen en is er sprake van een ‘fictieve toestemming'. U mag dan gaan bouwen. Van zo'n fictieve vergunning kan echter nooit sprake zijn als u bouwplan in strijd is met het bestemmingsplan en er dus langer dan zes of twaalf weken gewacht moet worden op een bouwvergunning. Het is dus niet verstandig er zonder meer van uit te gaan dat de bouwvergunning inderdaad verleend zal worden.

Bouwvergunning verleend

Al beginnen of nog even wachten? In principe kunt u aan de slag zodra u een bouwvergunning heeft. Het is echter raadzaam om - zeker bij een bouwwerk dat ‘in uw buurt gevoelig ligt' - eerst de officiële bezwaartermijn (6 weken) af te wachten.

Geldigheid bouwvergunning

De verstrekte bouwvergunning kan worden ingetrokken als u niet binnen 26 weken na verlening is gestart met de bouw. Ook als de bouw meer dan 26 weken stil ligt kan de verleende bouwvergunning worden ingetrokken. U krijgt altijd eerst een brief of controle ter plekke van de gemeente(ambtenaar) waarin men naar uw bouwwerkzaamheden informeert.

Leges

De hoogte van de leges is afhankelijk van de hoogte van de bouwkosten. Voor de bouwkosten gaan wij uit van de aanneemsom, excl. BTW. De bouwkosten worden naar boven afgerond op veelvouden van € 500,-. U betaalt € 9,- per € 500,- aan bouwkosten met een minimum van € 95,-. Bij bouwkosten hoger dan € 91.000,- betaalt u € 1.688,- plus € 5,40 voor elke € 500,- aan bouwkosten boven de € 91.000,-
Voor een schetsplan of principe uitspraak betaald u € 46,-. Dit bedrag wordt in mindering gebracht indien het schetsplan op principe uitspraak lijdt tot een ontvankelijke bouwaanvraag.